Factcheck: ”In het westen ligt de stofproductie 10 tot 20 keer hoger”

Inwoners van Welsum maken zich zorgen over de uitstoot van fijstof die door uitbreiding van het pluimveebedrijf aan de Erveweg 10 aanzienlijk omhoog gaat. Volgens kippenboer Jan van der Weerd is er geen reden voor deze bezorgdheid. Tegen een verslaggever van RTV-Oost zei hij dat de stofproductie in het westen van het land tien tot twintig keer hoger ligt dan in Welsum. Klopt dat?

In Amsterdam varieert de concentratie fijnstof tussen de 22 en 25 μg/m met een enkele uitschieter naar 40 μg/m. In Rotterdam en Utrecht idem dito. Vergelijkbare concentraties komen voor in de pluimveerijke Gelderse Vallei: 22 tot 31 μg/m. In Welsum ligt de zogeheten achtergrondconcentratie op circa 20.

Rond het pluimveebedrijf doen zich na uitbreiding concentraties voor die variëren van 19 tot 23 μg/m. De Wereld Gezondheids Organisatie WHO adviseert voor fijnstof een norm van maximaal 20 μg/m. Ook onder deze norm kunnen zich ten gevolge van fijnstof gezondheidsproblemen voordoen.

We kwalificeren de uitspraak van Jan van der Weerd als onwaar.

Klik hier voor het fragment van RTV-oost.

Vereniging Leefmilieu in beroep tegen milieuvergunning Erveweg 10

De Vereniging Leefmilieu gaat in beroep tegen de verleende milieuvergunning voor het pluimveebedrijf aan Erveweg 10 in Welsum. Eerder had de vereniging al een zienswijze ondertekend, die door enkele omwonenden is opgesteld. Het beroep zal voor 4 juli worden ingediend bij rechtbank in Zwolle.

De vereniging Leefmilieu vindt dat de verleende milieuvergunning het woon- en leefklimaat van de inwoners van Welsum onvoldoende beschermt.
Wie de vereniging Leefmilieu wil steunen, kan voor €10 lid worden. Klik hier voor meer informatie over de vereniging.

Wil je je aansluiten bij de beroepsprocedure van de vereniging Leefmilieu, maak dan gebruik van onderstaande reactiemogelijkheid. Je reactie en je gegevens worden niet automatisch openbaar gemaakt.

Uitloop kippenbedrijf na uitbreiding beperkt tot 4 ha

De uitloop van het kippenbedrijf aan de Erveweg in Welsum blijft na uitbreiding beperkt tot ongeveer 4 ha. Hierdoor kunnen slechts 10.000 van de ruim 60.000 leghennen gebruik maken van de vrije uitloop.

Dat blijkt uit de milieuvergunning die door de gemeente Olst Wijhe is afgegeven.Tegen de vergunning kan tot en met 4 juli in beroep worden gegaan. De gemeente houdt op 6 juni een informatiebijeenkomst in het dorpshuis.

Volgens de milieuvergunning mogen buiten de aangegeven 4 ha ten zuiden, westen en oosten van het bedrijf geen kippen lopen. De gemeente heeft dit vastgelegd in de vergunning in een reactie op een zienswijze van omwonenden. Zij hadden vragen gesteld over de begrenzing van het bedrijf.

De gemeente gaat niet over het aantal leghennen dat gebruik mag maken van de vrije uitloop. Kippenboer Van der Weerd zou bij wijze van spreken alle ruim 60.000 leghennen in de uitloop kunnen laten scharrelen. Maar om de eieren van al zijn leghennen als vrije uitloopeieren te kunnen verkopen, moeten de kippen kunnen beschikken over 4 m2 per leghen en dat komt neer op een totaal van 24 ha. Op de beschikbare 4 ha kunnen slechts 10.000 vrije uitloop hennen worden gehouden.

Open stallen
Door de uitloop te beperken tot 4 ha, vervalt de noodzaak om alle kippen in een open stal te huisvesten. Juist dat open karakter van het bedrijf baart inwoners van Welsum grote zorgen. Vooral de onbekende hoeveelheid fijnstof die het bedrijf uitstoot, is volgens hen een risico voor de volksgezondheid. De GGD heeft daar in een advies ook op gewezen. Ander probleem is de uitstoot van ammoniak. Onderzoek heeft uitgewezen dat door zogeheten volierestallen twee keer zoveel ammoniak wordt uitgestoten dan waar in de berekeningen van uit wordt gegaan. Bekend is dat ammoniak bijdraagt aan stankoverlast, verminderde longfunctie en de vorming van fijnstof.

Zienswijzen en voorzorgbeginsel
De gemeente heeft er ruim tweeënhalf jaar over gedaan om de vergunning af te geven. De aanvraag dateert van oktober 2015. Tegen de eerder verleende ontwerpbeschikking zijn talrijke zienswijzen ingediend. De milieuvergunning die er nu ligt, voldoet volgens de gemeente aan de wet- en regelgeving.

De gemeente gaat volgens indieners van zienswijzen echter voorbij aan het feit dat emissies vanuit open stallen met de beschikbare rekenmodellen niet goed zijn vast te stellen. Een van de stallen moet na nieuwbouw bovendien voldoen aan het Besluit Emissie-arme Huisvesting. Dit is volgens de indieners van de zienswijzen niet het geval, waardoor de uitstoot van fijnstof hoger zal zijn dan in de vergunning is aangegeven. Aan het advies van de GGD om het voorzorgbeginsel toe te passen, wordt door de gemeente geen gehoor gegeven.

Toepassing van het voorzorgbeginsel zou inhouden dat de vergunning kan worden geweigerd, of dat er extra maatregelen moeten worden getroffen om gezondheidsrisico’s te vermijden. De gemeente vindt dat het bedrijf al voldoende maatregelen treft. Het is uiteindelijk aan de rechter om te bepalen of dat inderdaad het geval is.

Wil je reageren? Maak dan gebruik van onderstaande reactiemogelijkheid. Je reactie wordt niet automatisch gepubliceerd. Je gegevens worden niet openbaar gemaakt.